Hoogvlaktes van de Andes 12: via de Cuesta de Lipán naar Salta. (slot)

San Antonio de los Cobres is naar onze maatstaven van de afgelopen zes weken een grote stad. Er zijn een stuk of tien restaurantjes en vele winkeltjes. Het assortiment is nog steeds beperkt, maar goed genoeg voor ons.
We ontmoeten Jürg, een Zwitserse fietser die mij erg doet denken aan mijn voormalige Zwitserse collega Jürg; net zo energiek en doelgericht.

Jürg is 68 en fietst met een minimum aan bagage; letterlijk alleen een creditcard en een tandenborstel. Hij geeft toe dat hij bijna het loodje had gelegd na Paso Sico op de Chileens-Argentijnse grens. Hij had te weinig water meegenomen. “Dan kun je toch een auto aanhouden?”
Maar Jürg legt uit dat er die dag helemaal geen auto voorbij is gekomen. Het was in de namiddag en hij kreeg spierkrampen en kon nog amper praten. Slikken ging al helemaal niet meer. Hij kreeg een delirium. Maar toen kwam er in de schemer toch een pick-up van een mijnbedrijf. Officieel mogen die geen lifters meenemen, maar voor Jürg maakten ze een uitzondering en hebben zo zijn leven gered.

Zwitserland mag dan een mooie vertroetelende verzorgingsstaat zijn, maar dit is al de derde Zwitser die wij tegenkomen die zijn leven in de waagschaal legt. Ik vind het wel frappant dat mensen uit een bergland de hoogte onderschatten. Ursula en Philip fietsten ook al stug door op weg naar een pas, terwijl Ursula een bonkende hoofdpijn had, wat duidt op hoogteziekte. En die kan dodelijk zijn.

Vanuit San Antonio loopt er een directe weg naar Salta, ons einddoel, maar we nemen een omweg. Ik had namelijk een foto gezien van gekleurde bergen en die vond ik zo mooi dat Carla daar de route langs gepland heeft.

Daarom belanden wij weer op een ribbenkast weg. In het begin proberen we nog om het ribbenkast gedeelte te fietsen, maar na een paar uur zijn we het zat en stuiteren we gewoon rechtdoor.
We rijden door een brede saaie vallei. In bergen om ons heen zien we donderwolken en af toe is er een bliksemflits. De regen blijft rond de bergtoppen hangen en wij houden het droog.

Na 37 kilometer (…) om drie uur ’s middags zijn we het écht zat. We zien een bord dat naar een restaurant en hospedaje El Mojon verwijst.

We slaan rechtsaf en een kilometer verder blijkt het nog in aanbouw te zijn. Er zijn wel twee mensen en de vrouw biedt aan om een maaltijd voor ons te maken.
Het is een oude nederzetting die zo te zien in allerijl is verlaten en daarna heeft iemand geprobeerd er een toeristische plaats van te maken. Dat gaat ook zeker lukken, want het is een bijzondere plek.
Een kerkje en een voetbalveld ontbreken uiteraard niet en er is een piepklein museum. Verder veel zogenaamde Adobe gebouwtjes. Hiervan zijn de muren gemaakt van leem, water, keien en stro, zoals het al eeuwen hier gedaan wordt. Dit materiaal slaat overdag de zonnewarmte op zodat het huis ’s avonds lekker warm is. Het is alleen niet goed regenbestendig.


De man wijst ons een plaats onder een afdak zodat de tent goed uit de wind staat. Er hangen wat lamavellen en stukken vlees te drogen. Er ligt zelfs en verdroogde koeienkop. Later begint het te regenen; voor het eerst in weken. Het deert ons niet, want wij liggen dan al in onze tent op een oor.


De volgende ochtend bespreken Carla en ik de planning. We hebben gisteren namelijk 20 kilometer minder afgelegd dan gepland en het zit er niet in dat wij die inhalen.

We zijn vlak bij de Salinas Grandes en de weg is nog steeds beroerd. Maar de lange nachtrust heeft ons goed gedaan en de regen heeft de weg goed gedaan. We kachelen verbazingwekkend goed door. Die 20 kilometer halen we vandaag wel in!

We stoppen bij Los Tres Morres; een nederzetting van vijf huizen, een kerkje, twee voetbalvelden en een grote begraafplaats op een naastgelegen heuvel. Andreas woont er met vijf families en vindt het goed als wij in Los Tres Mores overnachten. Wij mogen de tent zelfs opzetten in een gebouw en zijn weer lekker beschut. We geven hem 500 peso die hij goed kan gebruiken. Hij vindt het zo fijn dat hij zelfs de boiler vult met water. Helaas heeft Carla dan al gedouched zodat alleen ik lekker warm kan douchen. Dat is een luxe die ik dan erg waardeer. En het goede nieuws van vandaag is: voor de laatste keer deze tocht maken we een pastamaaltijd. De resterende dagen komen we genoeg dorpjes tegen.


De volgende ochtend komen we op Routa 52. De reis wordt steeds makkelijker lijkt het wel; Routa 52 is een asfaltweg waar al het verkeer uit Noord Chili over de Paso de Jama naar Argentinië gaat.

Voor ons betekent die weg het einde van het geschud. Carla heeft het er maar wat zwaar mee gehad. Gisteravond zag ik op haar billen twee flinke blauwe plekken. Daarom heeft ze onder haar zadeldek nog twee fietsbroeken gebonden, zodat ze nog zachter zit.

We zijn vanochtend begonnen op een hoogte van ongeveer 3400 meter. Nu moeten we over 24 kilometer over allerlei haarspeldbochten klimmen tot 4170 meter. We fietsen op de pas de wolken in die gisteren en eergisteren in de bergen om ons heen hingen. De pas Alto ‘El Morado’ brengt ons in een vallei en schenkt ons een afdaling die ‘Cuesta de Lipán’ wordt genoemd. Die gaat van 4170 meter hoogte naar 2322 meter over een afstand van 35 kilometer naar het stadje Purmamarca.


In de regen maken we nog een foto op het hoogste punt en dalen dan voorzichtig af. We moeten wel voorzichtig zijn, want het zicht is soms maar tien meter! We krijgen het steeds kouder, want afdalen is leuk, maar niet als het regent en je jezelf niet warm kan trappen omdat je anders te snel gaat. Ik ben blij dat we goede verlichting hebben want het is zo donker dat het wel bijna avond lijkt.

We slaan een haarspeldbocht om en opeens zien we onder ons een prachtig landschap liggen met daarboven een zware wolkendeken. Wat een mooi uitzicht! In de vreemdste formaties en kleuren strekken de bergen zich onder ons uit en op de hellingen staan joekels van cactussen. We dalen en dalen en met iedere honderd meter stijgt de temperatuur iets. We maken toch nog wat foto’s want voor mij is dit de mooiste afdaling die ik ooit heb gemaakt.

De volgende ochtend is de lucht opgeklaard. Vind je het gek dat ik tegen Carla zeg: “Zullen we een taxi naar El Morado nemen en dan weer opnieuw gaan afdalen.” En zo maken we de afdaling nog eens, maar nu met een helder lucht, nog mooiere vergezichten en de drone doet het ook weer eens een keer.”




We houden een welverdiende rustdag in Purmamarca en bezoeken het nabijgelegen Maimara met zijn mooi gekleurde rotsen; net zo mooi zoals ik had gehoopt.

 



Het laatste traject gaat via de provincie hoofdstad van Jujuy over een laatste pas naar de provinciehoofdstad van Salta. We rijden over de super rustige Routa Nacional 9 naar Salta en we rijden de stad binnen over een heus fietspad. Mooiere laatste fietsdagen hadden we ons niet kunnen wensen.

Onze laatste pas!

En Salta? Een leuke grote stad maar onvergelijkbaar met de Grote Leegte. Er zijn supermarkten met stellingen vol producten en kledingwinkels en stalletjes die elkaar flink beconcurreren met kortingen.


We zitten op een terras en kunnen weer eens vis eten. Het is een wereld vol tegenstellingen die wij de afgelopen twee maanden niet hebben gezien. Op het terras vragen bedelaars aan mensen die aan de tafeltjes zitten of ze wat eten kunnen missen en krijgen een paar broodjes of een stuk vlees toegestopt. De wat meer welgestelde bedelaars vragen geld. Als mensen opstaan, dan gaan zwerfkinderen aan tafel zitten en eten de restjes op. En als zij hun buikje vol hebben dan is het de beurt aan de duiven.

Er zijn veel straatventers. Een gitzwarte man staat in een koof met een bord van piepschuim met daarin zonnebrillen geprikt. Een moeder met twee kinderen vouwen een zeil uit op het trottoir en rangschikken daar honderden sokken netjes op een rij. Tot ze weg worden gestuurd. Een jongedame heeft twee doosjes chocolade en zegt: “Chocolat, chocolat.” Een man belooft mij dat hij mijn verweerde fietsschoenen nog mooi kan poetsen.

Ondertussen lopen goed en luchtig geklede mannen en vrouwen langs. Die hebben we ook nog niet gezien. Maar Salta ligt dan ook op 1152 meter en de temperatuur is ver boven de dertig graden.

Zo op het eerste gezicht gaat het goed met de economie, want er wordt veel gekocht. Maar zal dat zijn omdat het Kerst is?
Financieel ziet het er op lange termijn slecht uit voor Argentinië. Met dank aan de regering. Van duurdere artikelen staan de prijzen in quotas vermeld. Dus ik kan een drumstel kopen voor 700 peso (twee tientjes), maar dan wel 12 termijnen. En je hoeft ‘slechts’ 11 procent rente te betalen.
En als je dan met een creditcard betaalt, dan kun je nog 10% korting krijgen en als je ‘effectivo’ betaald soms zelfs wel 15%! Voor hotels is er een speciale belastingmaatregel. Als je per creditcard betaalt, dan hoef je geen BTW te betalen en dat scheelt 15%. Betaal je cash, dan moet je wel belasting betalen. Tja, het is een manier om zwart geld tegen te gaan.
De regering heeft het mogelijk gemaakt dat je met je creditcard tot 40.000 peso aan Amerikaanse dollars kan opnemen. Volgend jaar zijn er verkiezingen dus de regering is gebaat met een populaire maatregel. Maar het zijn allemaal korte termijn oplossingen waar uiteindelijk niemand beter van wordt, behalve misschien de bedrijven die krediet verlenen, maar ook dat zal eindig zijn.
Uiteraard werkt dit het zwart werken en zwart geld in de hand. Er wordt overigens wel gecontroleerd. Zo was er in ons ‘sjieke’ restaurant in Purmamarca een controleur die keek wie er daar at. De eigenaresse van ons hotel wilde daar die middag gaan eten, maar dankzij de Whatsapp groep van alle ondernemers deed ze dat niet. Het voor Argentijnse begrippen dure eten had zij anders met zwart geld betaald.

De Argentijnse peso is het afgelopen jaar met 80 procent gedevalueerd ten opzichte van de dollar. Hierdoor ontstond er een uitstroom van geld naar het buitenland. Daarom geven de banken een hoge rente als je je peso’s op de bank hebt staan; maar liefst 60 procent rente. Maar wel met een inflatie van 24 procent!

De Wereldbank heef dit jaar 50 miljard dollar geleend aan Argentinië met als gevolg dat de peso nog eens 7 procent in waarde is gedaald.
Voor ons als toerist is dit prettig, want daardoor is Argentinië voor ons erg goedkoop. Maar ik vind het niet erg als ik wat meer moet betalen als de Argentijnen het daardoor beter krijgen.

Eric

Leave a Reply

You can use these HTML tags

<a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>