Hoogvlaktes van de Andes 6: Praten met de wind in de Grote Leegte

Zoals verteld fietsen we over de bodem van een oceaan. Behalve dat de diepte nu een hoogte is van rond de 4000 meter. En alsof het lot het voormalig teveel aan water wil compenseren, is er nu een tekort aan water. We hebben al weken amper bomen gezien, laat staan een mooi gazonnetje. En bijna geen vogels of andere dieren.

We kunnen uren fietsen zonder dat we een teken van bewoning zien. Af en toe nog wel een lamaherder en om de paar dagen komen we een mijnstadje tegen. De meeste mijnsteden zijn eigendom van het bedrijf Mineras San Cristobal SA dat het leven van zijn medewerkers aangenamer probeert te maken door in het kale dorp een grote sportzaal te bouwen. Maar die wordt voornamelijk door de jeugd gebruikt, want pa is ‘s avonds te moe om nog iets sociaals, laat staan iets sportiefs, te doen. Er zijn dan een paar winkeltjes, maar die verkopen alleen lang houdbare producten.

“Zijn er dan geen verse groenten?” “Nee señor die zijn er niet.” Dus krijgen we ’s avonds in het alojamento aardappelpuree, rijst, een gebakken ei, doperwtjes en twee schijfjes tomaat als avondeten. Toch wat variatie, want als we moeten kamperen en zelf koken, staat steevast pasta met tomatensaus op het menu. Mij hoor je niet klagen want ik ben allang blij dat we weer water kunnen inslaan. Op een gegeven moment fiets ik met 20 liter drinkwater omdat we de dagen erop niets tegenkomen in de Grote Leegte. En Carla die fietst met haar achtertassen vol met eten voor drie dagen. Maar wauw, wat is die leegte mooi.

We fietsen tussen bergen en actieve vulkanen en ieder half uur ziet er weer anders uit. Dan verandert de kleur van de bergen, zijn we weer een paar honderd meter geklommen en hebben we een prachtig vergezicht. En af en toe kijken we om, en hebben alweer een spectaculair uitzicht. In Bolivia is de gigantische ruimte nog opgevuld met lage struikjes, maar zodra we bij de grens zijn en via de magische Boliviaanse grensplaats Avaroa (zes huizen en een treinstation) naar het even magische Chileense Ollagüe fietsen, verandert het landschap.

Deze twee grensplaatsen zijn typisch plaatsen waar je als slecht functionerende politieagent of ambtenaar mee wordt gestraft. Dat merken we vooral aan de Chileense douanier. Hij kijkt verstoord op en zegt nors in vloeiend Engels: “Hoe ben je hier gekomen? ” Nou, met de fiets dus. “Waar ga je naar toe?” zegt hij kortaf. “Naar Chili” zeg ik even kortaf.
Mij realiserend dat het niet handig is om een ongelukkige ambtenaar dwars te zitten, doe ik een stap naar achteren en laat Carla verder alle vragen beantwoorden.
Als ik mijn zojuist afgegeven visum controleer, blijkt hij mijn geboortedatum verkeerd te hebben ingevoerd. Zou dat zijn wraak zijn voor over een paar weken als we Chili weer verlaten? Ik wijs hem erop en hij moet alles weer opnieuw invoeren. En toch heeft hij geen reden van klagen want zijn Chileense grensstad Ollagüe is een paradijs vergeleken met het Boliviaanse Avaroa. In de plaatselijke bibliotheek van Ollagüe is zelfs internet! Wow, dat is voor het eerst in twee weken! Zoals het leven hier traag gaat, zo gaat dat ook met internet. Oh ja, en we kunnen weer appels kopen.

De Grote Leegte in Chili is nog groter en leger dan in Bolivia. De groene bosjes zijn verdwenen en hebben plaatsgemaakt voor rotsen en keien. We zien de ene na de andere vulkaan en sommige zijn zo te zien aan de rookpluimpjes zelfs nog actief. De Boliviaanse onverharde weg is vervangen door een Chileense goed geasfalteerde weg. Maar denk dan niet dat wij meer kilometers maken of sneller fietsen. Door de harde wind schiet het vooral ’s middags niet op. Zelfs bergaf moeten we tegen de wind intrappen en dan nog rijden we 4 kilometer per uur.

We rijden langs immense ‘Salars’; dat zijn zoutvlaktes die vroeger zijn ontstaan toen de zeebodem besloot een hoogvlakte te worden. Maar ja, ook in Chili wil iedereen wel een beetje zout in zijn eten, dus is er van de zoutvlaktes nog maar weinig over. We zien nog een paar bedrijven die de laatste restjes zout winnen en dan is het over een paar jaar op. Een paar keer komen we langs een paar lagunes waar grote flamingo’s in het brakke zilte water naar eten zoeken. Lama’s zien we hier aan de Chileense kant niet meer. Zelfs voor hen is het hier te bar! Wel zien we nog wat vicuña’s en dan houdt het wel op met dierlijk leven. Soms staat er een kleine kapel in de berm als stille getuige van een dodelijk verkeersongeluk.

Al fietsend over de bodem van oceaan vind ik zelfs naast de weg versteend koraal. Wow, wat bijzonder. Het stromende zeewater heeft plaatsgemaakt voor een harde zon en een nog hardere wind.

Als we bij de Salar de Ascotan met heel veel moeite de tent hebben opgezet, merk ik dat ik in  gedachten met de wind praat. “Ok wind, wij kunnen niet van jou winnen, maar we willen toch echt hier overnachten.”
De wind is zo hard, dat hij de hele tent in elkaar drukt. De enige reden dat wij met tent en al niet wegwaaien zijn de zware rotsblokken die de tent vasthouden en ons eigen gewicht. Ik bedenk dat ik de wind te vriend moet houden. “Wind, gefeliciteerd. Je hebt al gewonnen, maar ik hoop wel dat je ons nu even met rust laat.”
Carla drukt al een half uur de tentstokken terug naar boven en als wind besluit het voor vandaag voor gezien te houden.
“Wind, dank je wel”, denk ik.

Ook de volgende ochtend houdt de wind ons nog steeds te vriend. In mijzelf mompel ik: “Amigo bedankt en tot vanmiddag.” Want dat hij er dan weer zal zijn, daar kun je de klok op gelijk zetten.

Een half uur nadat we zijn opgestaan, laven we ons aan de warmte van de ochtendzon en zijn we weer helemaal klaar voor weer een dag vol leegte en ontelbare indrukken.

De Grote Leegte hier in Chili wordt de Atacama woestijn genoemd en tot voor twee jaar terug had het hier 500 jaar lang niet geregend. Het is keihard werken om die leegte te doorkruisen. Maar de leegte geeft ook ruimte in mijn hoofd. Het zet mij aan het denken over het luxe leven in Nederland (ja ik weet het, het is een cliché). Maar ook alle vrienden, collega’s, klanten en alle mogelijke andere relaties passeren de revue. Er vormen zich ideeën in mijn hoofd voor volgend jaar. Zo op een daadwerkelijke fysieke afstand maar ook met een mentale afstand in mijn hoofd, kan ik situaties beter in hun perspectief zien, het beter benoemen en daaruit conclusies trekken.

Je merkt het wel volgend jaar. Het wordt leuk!

Eric

 

Leave a Reply

You can use these HTML tags

<a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>